Our Yeshua (Immanuël)

Een verzameling van onze studies
Home Artikelen Over ons English
Het Licht van de Joden

Home >> Artikelen "Er wordt gezegd ..." >> Het licht wat van de Joden afgepakt zou worden ...

Het licht wat van de Joden afgepakt zou worden ...

11 Nisan 5773 | 22 maart 2013; Mark-Jan Koster

Dit is wat ik vaak hoor onder de ‘christenen’. Ik heb daar toch een andere kijk op. Als voorbeeld ga ik in dit verslag zowel teksten uit het Oude Verbond als teksten uit het Nieuwe Verbond aanhalen. De tekst waardoor dit idee is ontstaan zit voornamelijk in Mattheus 21. Yeshua gaat naar de tempel en laat zien dat Hij de verwachte Koning is door de profetie te vervullen van Zacharia 9:9, door op een ezel en veulen de poorten van Jeruzalem te betreden. Het volk kent deze profetie en schreeuwt ook de woorden uit die in Psalm 118:25-26 staan.

Inhoudsopgave

Psalm 118

Ik wil even de vorige verzen uit deze Psalm ook aanhalen en vertaal zoals gewoonlijk weer vanuit het Engelse CJB. Het is mijn eigen vertaling en zoals ik ook een mens ben, heb ik ook mijn eigen interpretaties. Vanaf vers 13: de verzen noteer ik niet, dat is makkelijk op te zoeken en te vergelijken.

U heeft mij hard geduwd om mij te laten vallen, maar Adonai heeft mij geholpen. Yah1 is mijn kracht en mijn lied, en hij is mij tot redding geworden.
Het geluid van vreugde en overwinning is gehoord in de tenten der rechtvaardigen: “Adonai’s rechterhand heeft krachtig geslagen! Adonai’s rechterhand is verhoogd door overwinning! Adonai’s rechterhand heeft krachtig geslagen!”
Ik zal niet sterven, nee, ik zal leven en de grote daden van Yah verkondigen! Yah heeft mij streng gedisciplineerd, maar heeft mij niet overgedragen aan de dood.
Open de poorten van gerechtigheid voor mij; Ik zal ze binnengaan en Yah bedanken. Dit is de poort van Adonai; de rechtvaardige kan deze binnengaan. Ik bedank u omdat u mij geantwoord hebt; u bent mij tot redding geworden.
Dezelfde steen die de bouwlieden verworpen hebben, is tot hoeksteen geworden! Dit komt van Adonai en zal wonderbaarlijk zichtbaar zijn.2 Dit is de dag die Adonai gecreëerd heeft, een dag van vreugde en blijdschap voor ons.
Alstublieft Adonai! Verlos ons! Alstublieft Adonai! Redt ons! Gezegend is hij die komt in de naam van Adonai. Wij zegenen u vanuit het huis van Adonai.

Ik wil deze verzen even analyseren. In de eerste vers staat zowel Adonai als Yah. In de Nederlandse vertalingen wordt hier alleen vertaald naar Heer of Here. Het is weliswaar zo dat zowel Adonai als Yah beide een naam is voor God, maar er speelt ook wel wat anders. Zoals we (hopelijk) weten is dat vanuit geestelijke kant een naam iets zegt over een persoon, over de eigenschap van die persoon. God heeft meer dan 1 eigenschap maar elk eigenschap zegt iets over Zijn oneindigheid. Via internet kun je de brieven van Hogepriester Kajafas vinden, waarin Kajafas enkele namen van God opnoemt en verklaard. Als Hogepriester zijnde was hij bekend met de betekenis van deze verschillende Namen evenals de enige die deze Namen en Naam uit mocht spreken. Het volk niet, ook de onder priesters niet, alleen de Hogepriester! Dus tenzij de bron onzuiver is, hou ik deze betekenissen ook nu even aan. Is wel interessant. Adonai zou betekenen; ‘Volledig ongedwongen en volkomen volmaakt’. Deze betekenis zegt eigenlijk alles van God en kan dus als algemeen beschouwd worden. Yah daarentegen zegt meer over een bepaalde eigenschap van God, namelijk: ‘Kennis; Hij omvat alles zonder Zelf te worden begrepen’, oftewel ‘wijsheid’, oftewel ‘Woord’ van God, die natuurlijk niet buiten God geplaatst kan worden, evenals wij onze woorden ook niet buiten onszelf kunnen plaatsen. En kijk, dit maakt alles al een stuk interessanter! De eigenschap die tot redding is geworden is dus feitelijk het Woord van God. En juist dit kun je weer terugvinden in Johannes 1, ‘het Woord wat vlees is geworden’. We gaan verder. In de volgende verzen wordt er gesproken over de rechterhand van God. Wie is Gods rechterhand? Aangezien dit in ditzelfde Psalm staat en in 1 zin staat met diezelfde vreugde, kan er niets anders geconcludeerd worden dat Adonai’s rechterhand ook deze Yah is!
________________

1. Zie een aantal alinea’s verder, verklaring komt dus.
2. Letterlijk zou hier gezegd worden dat het een wonder is in onze ogen. Maar gezien God niet letterlijk spreekt, maar geestelijk, heeft dit meer te maken met ‘zichtbaar’, dan dat het te maken heeft met onze letterlijke ogen. Het verwijst ook naar diezelfde hoeksteen; Yeshua is deze hoeksteen! Vandaar zichtbaar. Zie vervolg.

Hoeksteen

Met ‘hoeksteen’ wordt ‘fundament’ bedoeld. Zie bijvoorbeeld Jeremia 51:26. Niet bij alle vertalingen is dit duidelijk te zien, maar Willibrordvertaling bijvoorbeeld wel, of wederom CJB. Maar wat of wie is deze steen? In Psalm 118 kun je dit al lezen, want in Psalm 118 staat dat met deze steen een dag van vreugde en blijdschap komt en de menigte schreeuwde de woorden van Psalm 118:25,26 wat in Mattheus 21:9 als volgt omschreven is:

Alstublieft! Verlos ons! Naar de Zoon van David; Gezegend is hij die komt in de naam van Adonai. U in de hoogste hemel! Alstublieft! Verlos ons!

Deze steen kan dus niets anders zijn dan de Messias. Dit vinden we ook weer terug in Handelingen 4:11

“Deze Yeshua is de steen die door u bouwlieden verworpen is en welke tot hoeksteen is geworden.”

Dus zowel Yah, als rechterhand, als hoeksteen, als Yeshua is 1 en hetzelfde!! Een duidelijker voorbeeld is er bijna niet.

Hosanna

Nu staat er eigenlijk in Mattheus 21:9 ‘Hosanna’ en in het Hebreeuws is dit ‘Hosha na’ wat betekent: ‘Alstublieft! Redt ons!’ Nu wil ik nog iets verder gaan. In Psalm 118:25 en in Mattheus 21:9 kan ook het volgende staan: “Alstublieft Adonai! Yeshua!”
Waarom? Yeshua betekent in werkwoordvorm ‘redden’. Als zelfstandig naamwoord betekent het: redder, bevrijder en ook redding, verlossing of heil. Dus ook in Psalm 118:14 kan staan: “Hij is mij tot Yeshua geworden”. Ik neig meer te vertalen naar ‘Hij is mijn Yeshua’. Maar dan is de discussie van welke kant dit verteld wordt. Van de kant van de schrijver van Psalmen is Yah tot zijn redding geworden. Maar Yah Zelf wordt niets, die Is. En natuurlijk evenals Zijn reddende/verlossende eigenschap Yeshua, want alleen God redt/verlost! (Jesaja 45:21) Maar zie ook in het Nieuwe verbond; Handelingen 4:12!

Matthéüs 21

Nu dit uiteengezet is wil ik weer terug naar het hoofdonderwerp en daarom gaan we weer verder met Mattheus 21 en dan vanaf vers 23:

Hij (Yeshua) ging de Tempel binnen en toen Hij daar onderricht gaf, werd Hij benaderd door de hoofd priester en de ouderen en zij eisten; “Vanuit welke grond geeft u het recht om zo te handelen? En wie heeft u dit recht gegeven?” Yeshua antwoordde: “Ik zal u ook een vraag stellen. Als u deze vraag beantwoordt, dan zal ik u vertellen vanuit welk recht ik handel. De onderdompeling van Johannes- waar kwam die vandaan? Vanuit de Hemel of vanuit menselijke bron?” Ze gingen met elkaar in discussie, zeggende: “Als we zeggen; ‘vanuit de Hemel,’ dan zal hij zeggen ‘waarom hebben jullie hem dan niet geloofd?’ Maar als we zeggen, ‘vanuit een menselijke bron,’ dan vrezen wij de mensen om ons heen, want zij allen zien Johannes als een profeet.” Dus gaven ze Yeshua als antwoord, “we weten het niet.” En Yeshua zei, “Dan zal ik ook niet zeggen vanuit welk recht ik handel zoals ik handel.”

“Maar geef mij uw mening; een man had 2 zoons. Hij ging naar de eerste en zei, ‘Zoon, ga en werk vandaag in de wijngaard.’ Hij antwoordde, ‘dat wil ik niet’; maar later bedacht hij zich en ging toch. De vader ging naar zijn andere zoon en zei tot hem hetzelfde. Deze antwoordde, ‘dat zal ik doen, heer’; maar hij ging niet. Welke van de 2 zonen deed wat hun vader gewild heeft?” “De eerste”, werd geantwoord door de priesters en ouderen. “Dat is goed!” Zei Yeshua. “Ik zal u zeggen dat de belastinginners en prostituees eerder in het Koninkrijk Gods komen dan u! Want Johannes is naar u toe gekomen om u het pad naar rechtschapenheid te tonen, maar u geloofde hem niet. De belastinginners en prostituees geloofde hem; maar u, zelfs nadat u dit zag, bedacht u zich later niet, zodat u hem alsnog kon geloven.”

“Luister nu naar een andere vergelijking. Er was een landheer die een wijngaard heeft gepland. Hij bouwde een muur eromheen, groef een kuil voor de wijnpers en bouwde een toren; toen verhuurde hij dit grond aan pachters en verliet deze plaats. Toen oogsttijd gekomen was, stuurde hij zijn dienaren naar de pachters om zijn deel van de oogst te collecteren. Maar de pachters grepen zijn dienaren- deze werd door hun geslagen, die werd door hun vermoord en een ander werd door hun gestenigd. Dus de landheer stuurde andere dienaren, meer dan de eerste groep, en zij deden hetzelfde met hen. Tenslotte stuurde hij zijn zoon, zeggende, ‘Mijn zoon zullen zij respecteren.’ Maar wanneer de pachters zijn zoon zagen, zeiden ze tot elkaar, ‘Dit is de erfgenaam. Kom, laten wij hem vermoorden en zijn erfenis pakken!’ En dus grepen zij hem, gooide hem uit de wijngaard en vermoordde hem. Als nu de eigenaar van deze wijngaard komt, wat zal hij dan doen met deze pachters?” Ze gaven hem als antwoord, “Hij zal op een gewelddadige manier deze wrede mannen vernietigen en de wijngaard verhuren aan andere pachters die wel zijn deel van de oogst geven, wanneer deze verschuldigd is.” Yeshua zei tot hen, “Hebben jullie nooit in de Tanakh gelezen,

‘Dezelfde steen die de bouwlieden verworpen hebben is tot hoeksteen geworden! Dit komt vanuit Adonai en zal wonderbaarlijk zichtbaar zijn’?

Daarom zeg ik u, dat het Koninkrijk van God van u afgepakt wordt en gegeven wordt aan een soort volk dat wel zijn vruchten afwerpt! Een ieder die over deze steen valt, zal in stukken gebroken worden; maar op wie deze steen valt, die zal vermorzeld worden!”1

Toen de priesters en Farizeeën geluisterd hadden naar zijn verhalen, wisten zij dat hij over hen sprak. Maar toen ze hem wilde arresteren, werden ze bang voor de menigte; want de menigte achtte hem als een profeet.

Goed, dat was een heel verhaal. De eerste vergelijking spreekt voor zich. Ze geloofden de preken van boetedoening van Johannes niet. Maar de zondaars geloofden Johannes wel, deden boete en kregen door deze boetedoening vergeving. Hierdoor kunnen zij eerder Gods Koninkrijk binnenkomen dan diegene die zeggen zonder zonde te zijn en verkondigen het woord van God zelf te zijn.

De tweede vergelijking speelt hier meteen op in. Gods Woord is aan de mensen gegeven en er is een priesterkaste opgesteld, betekent een Hogepriester (Aharon/Aaron) en zijn zonen (nakomelingen). Maar op het moment dat God Zijn dienaren stuurt naar de aarde om de oogst van Zijn priesters te collecteren, worden Zijn dienaren (profeten) geslagen, gedood en gestenigd door diegenen die zeggen op de stoel van Aaron te zitten! Het Woord van God is Gods erfenis. Diegene die Gods Woord aannemen en aantrekken, neemt deel aan deze erfenis. Maar doordat de Priesters, Farizeeën en Schriftgeleerden dit woord (profeten) vermoorden, gaven ze het volk te kennen zelf erfgenaam te zijn aan Gods Woord. En hierdoor konden zij onmogelijk Yeshua als de Zoon van God erkennen, als de enige Erfgenaam van God, onmogelijk!
______________

1. Vers 44 is in het CJB weggelaten, alleen in een voetnoot genoteerd. Andere vertalingen hebben vers 44 wel. Ik heb ook gekozen deze vers aan te halen en op het einde zal je zien waarom.

'Zoon' betekent 'erfgenaam'

Zoon betekent erfgenaam. Je kunt niet eerder een zoon/erfgenaam van iemand zijn, dan dat je volledig de taken van je vader over kan nemen. Laten we dit proberen te begrijpen via Galaten 3 en 4, vanaf 3:26

Als in eenheid met de Messias, zijn jullie allen kinderen van God voor deze vertrouwend geloof; want zovelen van u die ondergedompeld zijn in de Messias (zie ook CJB Mattheus 28:19, waar ik later nog op terugkom!) en zichzelf bekleed heeft met de Messias, in hun daar is geen Jood nog niet-Jood, geen slaaf nog vrije man, geen man nog vrouw; want in eenheid met de Messias Yeshua, zijn jullie allen één. Tevens, als jullie tot de Messias behoren, zijn jullie het zaad van Abraham en erfgenamen volgens de belofte.

4:1 Wat ik zeg, is dat zolang de erfgenaam nog minderjarig is, hij gelijk is aan een slaaf, ondanks dat hij de rechtmatige eigenaar is van de gehele nalatenschap; sterker nog, hij is onderworpen aan beschermers en toezichthouders, totdat de door zijn vader gezette tijd aangebroken is. Zo is het ook met ons- toen wij nog “kinderen” waren, waren wij slaven van de natuurgeesten van deze wereld; maar wanneer de voorgeschreven tijd genaderd was, heeft God zijn Zoon uitgezonden. Hij werd geboren vanuit een vrouw, geboren in een cultuur waarin conform de wet verdraaiing van de Torah de norm was, zo dat hij diegene kon redden/verlossen die onderworpen waren aan deze wetsverheerlijking, die de mozaïsche wet boven het evangelie plaatst en daardoor (door de redding) voor ons mogelijk maakt kinderen van God te worden. Omdat u nu zonen bent, heeft God de Geest van zijn Zoon in onze harten gezonden, de Geest welke schreeuwt, “Abba!” (wat betekent ”Lieve Vader!”) Via God bent u niet langer een slaaf meer, maar een zoon en als u een zoon bent, dan bent u ook een erfgenaam.

Een zoon of erfgenaam ben je dus niet eerder totdat je een bepaalde leeftijd hebt bereikt. Dit kan niet anders betekenen dat jij dusdanig kennis verworven moet hebben van de taken van je vader, dat je deze taken ook zelf uit kunt voeren en als erfgenaam ook over kunt nemen. Merk hier ook een verschil dat wij zonen genoemd worden, maar dat Yeshua Zoon van God genoemd wordt. Sterker nog, als Eniggeboren Zoon van God. Of vertaald vanuit het CJB, Johannes 1:18

Niemand heeft ooit God gezien, maar de enige en unieke Zoon, die dezelfde is als God en is aan de kant van de Vader- hij heeft hem doen kennen.

Yeshua had vanaf de vleselijke geboorte al deze ‘leeftijd’ en kon meteen Zoon genoemd worden. Als wij geboren worden, zijn wij eerst kinderen en moeten wij onszelf door het aannemen van Yeshua ons opwerken tot een rechtmatige erfgenaam. Waarom was Yeshua meteen Erfgenaam? Vaak heeft Yeshua aangegeven dat Hij al bestond voor Zijn vleselijke geboorte. Bijvoorbeeld in Johannes 8:58

Yeshua zei, “jazeker! Voordat Abraham bestond, Ik Ben!”

Ik Ben is weer een naam van God! Zie ook Exodus (Namen) 3:14

‘God zei tot Mozes, Ehyeh Asher Ehyeh [Ik ben/zal zijn wat Ik ben/zal zijn], en toevoegend, “Dit is wat je moet zeggen tegen het volk van Isra’el: ‘Ehyeh [Ik Ben of Ik Zal Zijn] heeft mij naar u toe gezonden.’”

Deze vertaling zegt trouwens nog meer. Ik Ben zegt genoeg, maar Ik Zal Zijn zegt nog meer. Ik Zal Zijn wat u wilt wat Ik Ben. Wilt u mijn Almacht, dan zal Ik dat zijn. Wilt u mijn Wijsheid, dan zal Ik dat zijn. Wilt u mijn Liefde, dan zal Ik dat zijn… D.w.z. hoe jij God benaderd, zo zal God ook jou benaderen! Waarom is God naar ons afgedaald in Zijn Woord? En waarom niet in Zijn Liefde? Waarom als Zoon en niet als Vader? Maar voor de drie-eenheidsleer; dit betekent niet dat de Vader buiten de Zoon is! In het hart van Yeshua was de Vader volledig aanwezig, anders kun je niet 3½ jaar preken over liefde en alles doen wat de Vader wil. Maar als Mensenzoon is Hij de belichaming van de Torah, dus het Woord van God en moest Hij ook via dit Woord ons terugleiden naar de oergrond van alles en dat is Zijn Liefde, de Vader. Daarom kon Hij zichzelf niet meteen als Vader presenteren, dat zou zelfs zeer schadelijk geweest zijn. Maar zoals ik en ieder van jullie jezelf op verschillende manieren kunt presenteren; namelijk in onze liefde, in onze kennis, in onze wil maar ook kunnen wij laten zien of wij een bepaalde orde in ons hebben, of wij een ernst hebben, of wij geduld hebben en laten zien of wij barmhartigheid bezitten. Dat kunnen wij allemaal aan een ander aantonen zonder onszelf te verliezen of ons op te delen in verschillende stukken! En als wij dat al kunnen… Zie ook weer mijn artikel ‘Wet of Liefde’ voor verdere details. Genoeg daarover in dit verslag. Nu weer terug naar het onderwerp en weer naar Galaten.

Laat ik bovenstaande van Galaten en ook deze tekst van Johannes even vergelijken met Jeremia 31:33-34 (in het CJB 32-33) En trouwens, ook wat ik net geschreven hebt komt weer terug.

“Ik zal mijn Torah naar hun toebrengen en in hun harten schrijven; Ik zal hun God zijn en zij zullen Mijn volk zijn. En zij zullen niet meer hun naasten beleren, ‘ken Adonai’, want allen zullen Mij kennen, van de minsten tot aan de grootsten. Want Ik zal hun goddeloosheid vergeven en zal hun zonden vergeten.”

Ook een profetie uit Ezechiël 36 vanaf vers 26:

“Ik zal u een nieuw hart geven en breng een nieuwe geest in u; Ik neem de stenen hart uit uw vlees en geef u een hart van vlees. Ik zal mijn Geest in u brengen, zodat u zal leven volgens Mijn wetten, mijn regels zal respecteren en gehoorzamen.”

Dit alles geeft onze redding weer van de slavernij tot daadwerkelijk Gods kinderen. Voor iedereen die de Messias aanneemt en aantrekt. Yeshua aannemen als de Messias, dat doen velen. Maar Yeshua aantrekken doen slechts weinigen! Velen zijn uitgenodigd, maar slechts weinigen zijn gekozen; Mattheus 22:14. Kijk dan ook vooral naar deze gehele vergelijking in Mattheus 22! En pas als we Yeshua volledig aangetrokken hebben, kunnen we onszelf volgers van Christus noemen. We kunnen onszelf wedergeboren noemen. Wij kunnen onszelf kinderen van God noemen. Tot die tijd zijn wij nog steeds slaven van de materie!

Koninkrijk Gods van de Joden afgepakt? Staat niet in de Bijbel

Nu weer terug naar Mattheus 21:43. Deze tekst wordt door velen begrepen alsof het Koninkrijk van God van alle Joden afgepakt wordt. Maar zo staat het er niet. Hij heeft het hier tegen de priesters en ouderen, de Torah leraren. Om dit te bekrachtigen, kijken we ook naar Mattheus 23. In Mattheus 23 vind je een hele opsomming van Yeshua naar de Torah leraren en Farizeeën die niet al te zuinig zijn. Maar ook hier zie je dat Yeshua zich geheel en alleen richt naar deze mensen, niet naar het volk! Sterker nog, Hij adviseert het volk om te doen wat de Torah leraren zeggen wat ze moeten doen vanuit de Torah, maar waarschuwt het volk om niet net zo te handelen als de Torah leraren, die zelf namelijk op geen enkele manier de Torah opvolgen. Hij waarschuwt het volk voor deze mensen, omdat zij in geen geval Gods wil opvolgen, maar alleen hun eigen wil door de drang bevredigd te worden in hun eigenbelang, lust en noem alles maar op. Als je goed leest, lees je dat dit niet alleen geldt voor de Torah leraren, maar ook heden ten dage kun je dit makkelijk in de praktijk terugvinden. Maar waar het mij nu om gaat en waar dit verslag voor bedoeld is, is vanaf vers 37:

“Yerushalayim! Yerushalayim! U hebt de profeten vermoord! U hebt diegene gestenigd die naar u toegezonden zijn! Hoe vaak heb ik wel niet uw kinderen willen verzamelen, zoals een hen haar kuikens verzameld onder haar vleugels, maar u hebt geweigerd! Kijk! God laat uw huis tot u, verwoest achterlatend. Want Ik zeg u, van nu af aan zult u mij niet eerder zien totdat u zegt, Gezegend is hij die komt in de naam van Adonai.’”

Het volk heeft dit gezegd, getuigend Mattheus 21:9. Maar de Torah leraren, Priesters, Hogepriester in geen geval en juist deze mensen bivakkeren zich in het huis van Adonai, namelijk de Tempel! En dat is de bedoeling, want dat staat in Psalm 118:26
Gezegend is hij die komt in de naam van Adonai. Wij zegenen u vanuit het huis van Adonai.
En dat is dus niet gebeurd, vandaar deze woorden van Yeshua tegen in eerste instantie de Priesters-Torah leraren. Maar waar Yeshua iets zegt, zegt Hij niet met 1 betekenis. Om een andere betekenis te achterhalen ga ik nog deze tekst aanhalen met de letterlijke betekenissen van de woorden zelf.

Jeruzalem, of Yerushalayim. Wat betekent dit? Hier zijn vele meningen over merk ik wel als ik zoek via internet. Een paar interessante betekenissen als volgt:
Yeru zou weer betekenen; ‘fundament-een hoeksteen’. Shalayim wordt steeds gelinkt naar Shalem; ‘vrede’. Dus de grondlegger voor vrede. Verder kom je ook steeds tegen dat Yerushalayim Gods woonplaats is. In Yerushalayim is de Tempel gebouwd wat het huis van God is. Dus als dat Zijn huis is, is Yerushalayim zijn woonplaats! Dus wat kan de eerste vers ook zijn?

Woonplaats van God! Woonplaats van God! / Tempel! Tempel! / Hart van de mens! Hart van de mens!

Waarom ook hart van de mens? Omdat al in de profetie gezegd wordt dat de Torah in onze harten geschreven wordt en dat de mens een nieuw hart gekregen heeft, een nieuwe geest. Het hart is de nieuwe Tempel, maar zoals ook de oude Tempel vervuild werd, is onze Tempel ook niet zuiver. Vandaar dat er ook steeds gemaand wordt om je zonden uit je hart te verdrijven om je eigen Tempel te reinigen zodat God daadwerkelijk in kan trekken in deze Tempel. Dat is een ware wedergeboorte! Dat is een ware volger van Christus zijn! Niet de wedergeboorte waar huidige ‘christenen’ het over hebben. U hebt de profeten vermoord! In die tijd letterlijk, tegenwoordig in letter! Want als je eens zou weten wat er allemaal al verdraaid, toegevoegd en verwijderd is... Dat was toen al zo met het Oude Verbond, maar bij het Nieuwe Verbond idem! En dan heb ik het nog niets eens over de Griekse draai die eraan gegeven is waardoor wij westerlingen niet of nauwelijks kunnen omvatten wat een bepaald woord, bepaalde tekst of zelfs een bepaald boek eigenlijk betekent in haar Hebreeuwse grond! Over Babel/Bavel (verwarring) gesproken! U hebt diegene gestenigd die naar u toegezonden zijn! De harde materie tegenover de geestelijke leer. In die tijd deden de Torah leraren er alles aan om het woord van de profeten te weerleggen, zodat het volk hun trouw bleef. Tegenwoordig hebben we daar de wetenschap voor die centraal staat in de maatschappij. God komt op plaats nummer … Fill in the blanks yourself! En owee als iemand toch God op nummer 1 plaatst met Zijn geestelijke Leer en geestelijke leven! Die is rijp voor de psychiatrische inrichting! Hoe vaak heb ik wel niet uw kinderen willen verzamelen, zoals een hen haar kuikens verzameld onder haar vleugels, maar u hebt geweigerd! Deze weigering neemt nu echt serieuze gestalte nu niet alleen de harde materie steeds harder nee zegt tegen het geestelijke, maar ook diegene die zich geestelijken noemen steeds meer één worden met de materie! Hoe vaak hoor je nu; “het is niet van deze tijd”. Ook de Bijbel wordt aangepast voor deze tijd. Met andere woorden; ‘de mens moet zich niet aan Gods Woord aanpassen, maar Gods Woord aan de mens!’ Zal je een geheimpje verklappen… Kijk! God laat uw huis tot u, verwoest achterlatend. God verlaat dus het hart van de mens, waardoor deze verwoest achtergelaten wordt. In die tijd was dit dus het verlaten van de Tempel. Tegenwoordig sluiten wij de deuren zodat God er ook niet in kan komen. Dit is weer heel duidelijk te zien in de huidige maatschappij! Want Ik zeg u, van nu af aan zult u mij niet eerder zien totdat u zegt, ‘Gezegend is hij die komt in de naam van Adonai.’ Yeshua aantrekken! Dit geldt niet alleen voor de toenmalige priesters en leraren van de Torah, maar voor ons allen. Dit heeft weliswaar in eerste betekenis betrekking tot de toenmalige en huidige Torah leraren, maar in tweede betekenis voor ons allen. Niet eerder totdat wij zeggen; ‘gezegend is hij die komt in de naam van Adonai,’ dus Yeshua aantrekken, kan Yeshua in onze tempel komen. En als Hij daar zit, dan zal je met Hem kunnen communiceren, ben je wedergeboren en kun je letterlijk bergen verzetten! (Mattheus 21:21) Zolang je dat niet kunt, kun jij jezelf nooit wedergeboren noemen!

'Schriftgeleerden' ... 'geleerden van de Schrift'; Wij!

Letterlijk aangehaald zie je ook precies de vergelijkingen eerder uit Mattheus. Het volk heeft gezegd; “Gezegend is hij die komt in de naam van Adonai.” De zogenaamde leraren nooit! En daar is dit in eerste instantie voor bedoeld, niet voor het volk zelf. Maar zeker nu, nu wij allen geleerd zijn en de Schrift kunnen lezen, is dit zeer zeker ook voor iedereen zo bedoeld! Dat letterlijk het ‘huis van God’ verwoest werd, lees je als voorspelling in hoofdstuk 24 en in de geschiedenis boeken, waardoor je kunt zien dat deze uitspraak van Yeshua waar geworden is. Als God nog wel in de Tempel zat, dan was deze nooit verwoest geweest. Dat de harten van de mens tegenwoordig woest en ledig is, daar behoeft hopelijk geen voorbeelden voor te komen, dat is helder. En vooral als je je bedenkt dat de leer van de wereld, in commercie, psychologie, wetenschap en noem alles maar op, juist de veroorzakers zijn van het egoïsme van de mens, namelijk; hoogmoed; status, de beste willen zijn, huisje boompje beestje, carrière. Maar ook gemakzucht, luiheid, lust, materiele bevrediging in elke vorm zijn hier uitstekende voorbeelden van! We gaan helemaal op in de realiteit van de wereld, in plaats van in de realiteit van onze God; Mattheus 28:19 vanuit CJB, origineel Engels en mijn vertaling Nederlands met opmerkingen:

19 Therefore, go and make people from all nations into talmidim, immersing them into the reality of the Father, the Son and the Ruach HaKodesh: 20 and teaching them to obey everything that I have commanded you.

Daarom (verwijzend naar de autoriteit van Yeshua in vorige vers) ga en maak de mensen vanuit alle natiën tot leerlingen, hen inwijdend in de realiteit van de Vader, de Zoon en de Levend gevende Adem van het Heiligdom: lerende hen alles te gehoorzamen wat Ik u heb leren beheersen.

Reden van deze vertaling? Een leraar zoals een leraar moet zijn, beheerst de leer. Een leerling beheerst de leer niet, maar wordt vanuit de leraar wel geacht alles te gehoorzamen wat de leraar verteld. Wij als mensen zijn broeders en zusters en wij mogen onszelf niet als leraren beschouwen (Mattheus 23). Maar wat ik al aangehaald heb vanuit Galaten, dat als wij in eenheid zijn met Yeshua, wij zonen Gods zijn en in deze zin kunnen wij de kinderen wel opvoeden. Maar strikt alleen in eenheid met Yeshua! Ik zeg met de volle 100% zekerheid nogmaals, dat er bar en bar weinig mensen op deze aarde zijn die deze eenheid hebben, zo niet geen 1! Want iemand die in eenheid is met Yeshua verkondigd zichzelf niet als leraar, zegt niet over zichzelf de Stem van Yeshua te horen, want deemoed, ondergeschiktheid, de laagste zijn is hun motto! Profeten kiezen zichzelf niet, die worden gekozen, maar zijn ook niet in eenheid met… Ze maken hun eigen fouten wat hun ook tot broeders maakt. Maar iemand die wel in eenheid is gekomen, mag niet als heilig verklaard worden, zoals wederom Mattheus 23 weergeeft. Een ander punt uit Mattheus 28:19 is de Vader, Zoon en Heilige Geest verhaal. Heilige Geest is al een foute vertaling. Ruach HaKodesh betekent letterlijk;’ Adem van het Heiligdom.’ Ik heb erbij gezet ‘Levend gevende Adem,’ zoals in Genesis duidelijk naar voren komt. Als de Apostelen de opdracht krijgen de mensen vanuit alle natiën tot Talmidim te maken, dan zegt dat alles al! Het Engelse woord wat in het CJB gebruikt wordt; ‘immersing’, is een onderdompeling in deze realiteit, dus een totale overgave. Een Talmid is een leerling die zich totaal overgeeft aan zijn Leraar en dus één wordt met zijn Leraar! Dat is dus niet alleen met de Vader, de Zoon en de Heilige Geest, maar met al Gods eigenschappen! Zie ook wederom mijn vorige artikel ‘Wet of Liefde’ waarin ik dit dieper uitwerk.

Samengevat

Kort samengevat. Diegene die zichzelf als leraren opstellen, zich Schriftgeleerden noemen, Priesters en Farizeeën, die hebben hem niet benaderd zoals de profetie dat voorzegt heeft. En juist tegen deze mensen heeft Yeshua toen gezegd; ‘Het Koninkrijk Gods zal van u afgenomen worden.’ Niet direct tegen het volk! De bouwlieden zijn de Geestelijke geleerden die de Tempel, Gods huis hebben gebouwd en daarna Gods huis in het volk moesten bouwen, d.w.z. Zijn Leer onderhouden als fundament en leren aan het volk, om zelf een Tempel in hun eigen hart te kunnen bouwen. Vandaar dat Yeshua ook zegt in Mattheus 23:13

Maar wee aan jullie hypocritische Torah leraren en Farizeeën! Jullie sluiten het Koninkrijk van de Hemel in het volk hun gezicht, door zelf niet deel te nemen aan dit Koninkrijk, nog diegene toe te laten die hieraan willen deelnemen.

Juist deze Leer verwerpen zij dus zelf, doordat zij zelf bewust niet deelnemen aan het Hemelse Koninkrijk. Het Woord van God verwerpen zij door de mens te onderdrukken, door de Tempel als een handels kermis te gebruiken, door niet het geven van tienden (tzedakah), maar het innen hiervan en ga zo maar door. Dat Woord verwerpen zij door er niet naar te handelen en zodoende het volk zelf uit te sluiten van dit Hemelrijk. Vergeet niet dat ook toen alleen de zogenaamde geleerden alles wisten van de Schrift. Het volk moest maar aannemen van deze geleerden… Laat ieder zich wel goed bedenken dat dit niet alleen geldt voor de toenmalige Torah leraren!!! Sterker nog, in de huidige wereld is het nu nog erger dan toen. De wederkomst is niet voor niets voorspeld voor deze tijd!

En dit Woord is tot fundament geworden en gekomen als Yeshua. Wie over deze hoeksteen (Yeshua) valt, zal in stukken vallen, maar op wie Yeshua Zelf valt, die zal daardoor vermorzeld worden! Met ‘in stukken vallen’, zou je jezelf nog op kunnen rapen, zoals de eerste zoon in de vergelijking dat deed, jezelf nog kunnen bedenken en wel werken in de wijngaard. Maar als het Woord Zelf op jou valt, dan is dat te laat. Velen vallen nu over Yeshua, d.w.z. over Zijn Woord van liefde, maar binnenkort valt Yeshua op hen. En dat zal de tweede dood zijn, de vermorzeling. (Openbaringen 21:8) Dit valt samen met de wederkomst.