Our Yeshua (Immanuël)

Een verzameling van onze studies
Home Artikelen Over ons

Sabbat שַׁבָּת sjabbaat Vervolg.


In de verzen 29-30 lezen we dat onze God aan de eerste mens voedselinstructie gaf en in het tweede hoofdstuk, vers 16, lezen wij in de Herziene Statenvertaling dat de HEERE God de mens gebood van welke bomen [meervoud] hij wel mocht eten en van welke boom [enkelvoud] niet. In het Hebreeuws is het woord vajtsav gebruikt. Dit is afkomstig van het werkwoord tsiva, wat gebieden, bevelen; (testamentaire) beschikkingen treffen, testamentair bepalen; aanstellen (over) betekent.

vajtsav וַיְצַו

tsiva צִוָה

Het eerste mensenpaar overtrad Gods gebod en dat begrijpen wij als ‘een zonde plegen’.
Het gevolg van hun overtredingen was dat beide constateerden dat ze naakt waren en er staat dat onze God hun bedekking gaf van huiden van de dieren. Dat houdt in dat deze dieren moesten worden geslacht, waarbij bloed werd vergoten [het doen van verzoening (Grote Verzoendag; Yom haKippurim) en andere zond-/schuldoffers].

In een aantal hoofdstukken verder lezen wij over Abrahams leven. Lot, de zoon van Abrahams broer, trok met hem op, totdat zij beiden zo gegroeid waren dat er problemen tussen de beide kampen ontstond. Lot heeft zijn oog op het gebied Sodom & Gomora laten vallen en is met zijn kamp naar die streken vertrokken.
Als we naar hoofdstuk 18 gaan, dan lezen we dat 3 mannen bij Abraham aankomen. Twee blijken engelen te zijn en 1 blijkt onze God te vertegenwoordigen. In vers 14 lezen we dat de HEERE [יהוה] op de vastgestelde tijd, over een jaar, bij Abraham terug zal komen en Sarah dan een zoon zal hebben. In het Hebreeuws – de brontaal van de Bijbel – staat i.p.v. “vastgestelde tijd” lammo-eed. Dit is direct afkomstig van het woord mo-eed. Een enkelvoudige verzie van het meervoudige mo-addim, die wij in Genesis 1:14 ook zijn tegengekomen en die wij onder andere in Leviticus 23 ook weer tegenkomen.
In vers 2 van Leviticus 23 staat in de Herziene Statenvertaling te lezen dat de dagen, in de verzen daarop volgend vermeld, de feestdagen van de HEERE zijn. In het Hebreeuws staat er dat dit mo-adeei jehowah zijn. “Mo-addeei” staat in de 3e persoon, mannelijk, meervoud van het woord “mo-addim”. De vertaling Jehowahs vast[gesteld]e tijden is meer op z’n plaats, sinds niet alle, in Leviticus 23 genoemde, dagen feestdagen zijn en in vers 3 zien we dat de 7e dag, de Sabbat dag, een van de mo-addeei is.

chak hammatsot חַג הַמַּצּוֹת

matsot מַצּוֹת

matsa מַצָּה

We blijven nog even in het boek Leviticus, het 23ste hoofdstuk, en we lezen vers 6.

We lezen hier over het feest van de Ongezuurde Broden. Zeven dagen lang moet men ongezuurde broden eten. In het Hebreeuws staat er chak hammatsot.
Als wij dan nu weer teruggaan naar Genesis en het 19e hoofdstuk openslaan, dan lezen we dat 2 van de 3 engelen bij Lot in Sodom aankwamen, ’s avonds en dat ze door Lot uitgenodigd werden bij hem thuis te komen eten. En in vers 3 lezen wij wat hij hen te eten geeft: “ongezuurde broden”, staat er in Herziene Statenvertaling te lezen; net als bij Leviticus 23:6. "Matsot" staat er in de Hebreeuwse taal, zowel bij Leviticus 23:6b als bij Genesis 19:3. Enkelvoud van matsot is matsa: matze, ongezuurd brood.

Dit zijn van die kleine hints waar wij zo makkelijk overheen lezen. Helemaal wanneer wij de Hebreeuwse woorden niet (direct) herkennen en ons alleen op onze vertalingen vertrouwen. In Genesis 1:14 lezen wij dat onze God ons allemaal door middel van een soort van klok/agenda ons op Zijn vast[gesteld]e tijden [mo-addim] wil wijzen. Door andere hoofdstukken te lezen, zagen wij dat men wel degelijk van Gods vast[gesteld]e tijden afwisten en zich er ook aan hielden. Door Leviticus 23:6 weten wij dat de Sabbat dag een van Gods mo-addim is.