Our Yeshua (Immanuël)

Een verzameling van onze studies
Home Artikelen Over ons English

Home >> Artikelen " antithese" >> Volgde Yeshua Gods Torah tot in de puntjes, of was hij juist een overtreder daarvan?

Volgde Yeshua Gods Torah tot in de puntjes, of was hij juist een overtreder daarvan?

20 Chesjwan 5778 | 9 november 2017

Met deze stelling doelt men onder andere op het wandelen door de graanvelden, waar een paar van Yeshua’s leerlingen honger kregen, aren plukten en door het in hun handen te wrijven het vliesje eraf haalden en het kleine vruchtje zelf opaten. “Big deal!”, zou u misschien denken. En inderdaad … wanneer het op een van de 6 dagen van de week zou gebeuren. Dan zou er helemaal niets aan de hand zijn. Maar nu was het de 7e dag van de week, Shabbat. Houdt dit nu in dat ze in overtreding waren? Maar ook de genezingen die hij op Shabbat heeft verricht, zorgde (en zorgt) voor opstand.

In Jesaja 48 tot en met 53 staat te lezen dat een zekere Israël een rechtvaardige dienstknecht is, die het huis van Jakob – dat is, Juda en Efraïm – terug zal brengen naar YHWH onze God. Het is dus van belang te weten of Yeshua inderdaad een overtreder van Gods Torah is, die God door Mozes aan Zijn volk gegeven heeft. Een van de belangrijke zaken die in Gods Torah staan, is het houden van de Shabbat.

Exodus 20:9-10
Zes dagen zult u arbeiden en al uw werk doen, maar de zevende dag is de sabbat van de HEERE, uw God. Dan zult u geen enkel werk doen, u, noch uw zoon, noch uw dochter, noch uw dienaar, noch uw dienares, noch uw vee, noch uw vreemdeling die binnen uw poorten is.
Uit: Herziene Statenvertaling

Hieruit blijkt dat geen enkel werk mag worden verricht en dat de heer des huizes verantwoordelijk is dat iedereen zich daaraan houdt. Als wij het naar het Nederlands vertaalde “geen enkel werk” in het oorspronkelijk geschreven taal opzoeken, dan staat er dat je niet aan je ambacht/werk/bezittingen (have, goed) mag werken.

Het Hebreeuwse woord, wat naar “zult u arbeiden” is vertaald en wat ook in Deuteronomium 5:13 staat, is “tà-àvod” [תעבד]. Dit is van het werkwoord avàd [עבד] en het betekent werken; bewerken (grond); dienen (Bijbels Hebreeuws); laten werken (bv. als slaaf) (Bijbels Hebreeuws). Dezelfde drie letters vormen ook het woord “èvèd”, wat slaaf; onderdaan (Bijbels Hebreeuws); dienaar (Bijbels Hebreeuws) betekent.

“Zes dagen werken jullie / zes dagen bewerken jullie de grond / zes dagen dienen jullie / zes dagen laten jullie de slaven (onderdanen, dienaars) werken …”

Het Hebreeuwse woord, wat naar “uw werk” is vertaald, is “melà-chettècha”. Dit is van het zelfstandig naamwoord [vrl.] “mela-chah”, wat ambacht; werk (Bijbels Hebreeuws); bezitting [have, goed] (Bijbels Hebreeuws) betekent.

“… en doe je al je ambacht / en doe je al je werk / en doe je al je bezitting (have, goed), …”

God heeft via Mozes niet gezegd dat wij op Shabbat ‘geen enkel werk’ mogen verrichten, maar dat wij op Shabbat niet aan onze ambacht/werk/bezitting (have, goed) mogen werken. Shabbat is er zodat wij ons van de banden van de wereld, de materie, los kunnen maken en onze hart, ziel en verstand op onze God kunnen richten. Doel hiervan is dat we uiteindelijk Zijn woord, Zijn instructie op onze harten geschreven hebben, wat zoveel wil zeggen dat wij dan ‘automatisch/routinematig’ weten wat wel en wat niet kan … volwassen zijn (Jeremia 31:31-34).