Our Yeshua (Immanuël)

Een verzameling van onze studies
Home Artikelen Over ons English
Een 9-armig kandelaartje, waarop 8 kaarsjes branden en de negende kaarsje brandend in een hand wordt vastgehouden



Gebruikte Bijbelvertalingen:
Herziene Statenvertaling


Wat betekent het Hebreeuwse woord "chanoeka"?

Waarom werd Chanoeka maar ongeveer 300 jaar lang gevierd zoals het oorspronkelijk bedoeld was?

22 Chesjwan 5780 | 20 november 2019

Chanoeka [חַנוּכָה] is van het Hebreeuwse werkwoord lachanot [לַחֲנוֹת], wat betekent: “Inhuldigen, inwijden”.
Chanoeka betekent: “Inhuldiging, inwijding”.
Naar het Engels wordt lachanot ook vertaald: “To dedicate (toewijden aan)”.

Sinds een kleine 2000 jaar wordt het inhuldigingsfeest gevierd als een lichtfeest. In de tijd dat Yeshua HaMashiach [Jezus de Messias] op aarde leefde, was dit nog niet zo. Toen werd Chanoeka gevierd zoals de naam het ook aangeeft.
De reden waarom het vanaf een kleine 2000 jaar geleden als een lichtfeest wordt gevierd tot aan de dag van vandaag, is omdat de reden voor inhuldiging/inwijding er niet meer is: “de Tempel”, met diens attributen zoals een altaar.

Het inhuldigingsfeest – Chanoeka – is ontstaan rond het jaar 165 vGJ door de herovering van de Tempel in Jeruzalem door Judas, die de bijnaam “de Hamer (haMaccabi)” kreeg. Deze titel – haMaccabi – ging later over op zijn vader (Mattathias) en zijn broers:

  • Johannes (met de bijnaam “Gaddi = Mijn geluk”);
  • Simon (met de bijnaam “Tassi”);
  • Eleazar (met de bijnaam “Avaran”);
  • Jonatan (met de bijnaam “Affus”).
Deze familie – haMaccabi, in het Nederlands “Makkabeeën” – was een priesterfamilie uit Judea, die vanaf 167 vGJ de Makkabese opstand leidde tegen het Seleucidische Rijk.
Vader Mattathias beklaagde zich over het oprukkende Hellenisme in Jeruzalem en riep op tot een heilige oorlog. Hij weigerde de Griekse goden te aanbidden en trok zich terug met zijn vijf zonen naar het dorpje Modi’in. Andere Judeeërs die met de Torah wilde leven, sloten zich bij hen aan. Mattathias overleed omstreeks 166 vGJ, en zijn zoon Judas nam het over. Judas stichtte in 164 vGJ de dynastie van de Hasmoneeën, die over Judea regeerde tot de verovering van de Romeinen in 63 vGJ.

Het Seleucidische Rijk was het grootste Diadochenrijk (opvolgers van het Macedonische Rijk van Alexander de Grote) in het nabije oosten van 311 tot 63 vGJ. Toen zij in Jeruzalem aankwamen, hebben zij de Tempel niet verwoest, maar wel het offeraltaar waarop aan onze God יהוה geofferd werd. Hierop plaatsten zij een altaar waarop aan hun god Zeus geofferd werd. De Tempel werd door de Makkabeeën rond het jaar 165 vGJ heroverd, gerenoveerd en volgens de geboden, omschreven in de Torah, weer her-ingehuldigd/-ingewijd.
Toen zei men tot elkaar (vrij vertaald): “Laten wij dit heugelijke feit vieren, zoals Loofhuttenfeest ook gevierd wordt”. Loofhuttenfeest [chag-haSoekot] wordt 8 dagen lang gevierd, waarbij men 7 dagen en nachten in loofhutten verbleven. Loofhuttenfeest wordt gehouden in de Hebreeuwse 7de maand, vanaf de 15de dag. Deze 7de maand – wat de Joodse maand Tishrei is – begint volgens de Gregoriaanse kalender eind september en loopt door tot midden oktober.

Chanoeka wordt gehouden in de Hebreeuwse 9de maand, beginnende vanaf de 25ste dag. Volgens de Joodse kalender heet deze maand Kislev. Het is dan winter in Israël, wat wij ook kunnen lezen in Johannes 10:22 …

En het was het feest van de inwijding van de tempel in Jeruzalem, en het was winter.

Tijdens dit feest verbleef Yeshua in de Tempel en had een discussie met een groep, vermoedelijk Farizeeërs en Schriftgeleerden met aanhang, die letterlijk tegen hem zeiden: “Hoe lang neemt u onze ziel weg? Als u HaMashiach bent, zeg het ons vrijuit.” In die tijd ging het Joodse volk (en overige volkeren) gebukt onder de Romeinse bezetting en de roep voor de onoverwinnelijke Messias die het koninkrijk zal herstellen werd steeds meer gehoord. Net als toen tijdens de Makkabese opstand, werd ook in die tijd gebeden voor een krachtige leider.

De tweede Tempel – die Yeshua ook heeft gekend en waar hij tijdens de feestdagen verbleef – werd in het jaar 70 GJ door de Romeinen vernietigd. Na de Bar-Kochba opstand – die plaatsvond van 132 tot 136 GJ – verbood de toentertijd Romeinse keizer Hadrianus alles wat met het Joodse geloof te maken had (dat is, inclusief het verbod de naam van onze God יהוה uit te spreken) en veranderde hij de naam van de Romeinse provincie Judea in Palestina, vernoemd naar een oude aardsvijand (een volk, afkomstig van Cyprus, die rond die tijd al niet meer bestond) van de Hebreeërs/Israëlieten. De stad Jeruzalem kreeg de naam Aelia Capitolina en het werd de Judeeërs [Joden] – even eens op straffe des doods – verboden de stad te betreden.
Omdat Yahadoet [het geloof der Judeeërs/Joden] vanaf de vernietiging van de Tempel toch al gecentreerd was rondom de synagogen en verspreid was over geheel het Romeinse Rijk, was het niet mogelijk het geloof te doen verdwijnen. Het Sanhedrin [Joods religieuze raad] was verplaatst van de Tempel naar een stad wat 30 km ten zuiden van Tel-Aviv ligt, Javne. Vandaaruit gaven zij instructies aan alle Joden, zowel aan de Joden die in Judea verbleven, als aan Joden in de diaspora. Een van de instructies was hoe voortaan Chanoeka te vieren. Als onderstreping werd het verhaal van het wonder met de olie aan de historie toegevoegd. Deze is dan ook alleen maar te lezen in de Talmoed en niet in de boeken 1 en 2 Makkabeeën.

De Negende Maand – Kislev – begint volgens de Gregoriaanse kalender eind november en loopt door tot midden december. Echter, dit jaar (2019) begint de Hebreeuwse Negende Maand laat, en wel volgens de Gregoriaanse kalender op 29 november. Hierdoor begint Chanoeka volgens de Gregoriaanse kalender op zondag 22 december na zonsondergang, en de 8ste dag begint zondag de 29ste na zonsondergang van de Gregoriaanse maand December.

Zoals eerder vermeld, wordt Chanoeka sinds een kleine 2000 jaar geleden gevierd als een lichtfeest. Elke dag steekt men een kaarsje aan met een dienstdoende kaars, wat de sjamasj wordt genoemd (ook wel het kostertje), zodat op de achtste dag in totaal negen kaarsen branden. Het Hebreeuwse woord sjamasj is afgeleid van sjimoesj, wat ‘dienst’ betekent. Dit, omdat dit negende kaarsje dienstdoet de andere acht aan te steken. De sjamasj staat iets afgezonderd van de acht kaarsjes, qua hoogte of plaats.
Men eet daarbij in olie bereide latkes, een aardappelpannenkoekje/rosti, en soefganiot, wat sterk op berlinerbollen lijkt, of op de Oostenrijkse Krapfen. Soefganiot wordt gevuld met jam. Deze lekkernijen worden in olie bereid, ter herinnering aan het wonder van de olie.
Oorspronkelijk kregen kinderen tijdens Chanoeka wat zakgeld, waarvan ze geacht werden een gedeelte af te staan aan de behoeftigen [tsedaka]. Tegenwoordig zijn dit chocolademunten en worden er cadeautjes gegeven. Daarbij spelen kinderen met een dreidel. Dit is een vierkantvormige tolletje, waarop Hebreeuwse letters staan.

Omdat Chanoeka meestal in de decembermaand wordt gevierd, komt het in Nederland en België in veel Joodse gezinnen globaal in plaats van het sinterklaasfeest, waar ook cadeautjes wordt gegeven en zoete lekkernijen worden gegeten. Vandaar dat het ook wel Chanoeklaas wordt genoemd. In Noord-Amerika wordt Chanoeka ook wel gezien als de Joodse vorm van kerstmis.

Is Chanoeka ook “relevant” voor ons, gelovigen en volgers van (de Joodse) Rabbijn Yeshua, HaMashiach?
Ik ben van mening van wel. Zeker na het lezen van dit artikel, geplaatst op messianieuws.nl en geschreven door Geke van Halteren, die is geïnspireerd door het boekje “Light” van de Messiaans Joodse organisatie First Fruits of Zion. Titel van het artikel: “Waarom Chanoeka ook voor christenen relevant is”.
Kernwoorden in dit artikel:

  • Strijd tussen Hellenisme en Torah
  • Strijd tussen Licht en duisternis
  • Strijd tussen het Heilig blijven van de Tempel en het ontheiligen daarvan
  • Chanoeka-revolutie is weer begonnen
Ik zou wel – bij het vieren van Chanoeka – de nadruk leggen op het her-inhuldiging/-inwijding van de Tempel (die wij in Yeshua zijn) zelf, dan op het wonder van de olie.