Our Yeshua (Immanuël)

Een verzameling van onze studies
Home Artikelen Moadiem Over ons English
Een rivier in de woestijn, wat lijkt op een knielende en biddende man


Gebruikte Bijbelvertalingen:
Herziene Statenvertaling



Home >> Artikelen "Er wordt gezegd ..." >> Niemand dan De Vader?

Niemand dan De Vader

Van die dag, dat moment, het uur, de tijden, de gelegenheden weet niemand

16 Ijar 5786 | 3 mei 2026

Er gaan veel uitleggingen op internet de ronde over ‘eindtijd’; ‘uittocht’; ‘opname’ & ‘terugkomst van Jehosjoea’1. Logisch ook, want wereldwijd gebeurt er zoveel dat het lijkt alsof de barensweeën heftiger zijn geworden. Binnen onze westerse wereld neemt haat en afgunst toe; is argwaan een geaccepteerde emotie geworden en sinds COVID zijn wij in onszelf gekeerd en stellen we ons zelf altijd op de eerste plaats. En in het oosten/midden-oosten heerst er oorlog. En deze oorlog – die vóór 7 oktober 2023 nog ‘conflict’ werd genoemd – heerst al veel langer. En hier in het westen is het ook voelbaar. Niet slechts merkbaar; voelbaar!

Niet zo verwonderlijk dat Gods Woord wordt geraadpleegd, en, het gevondene wordt gedeeld. Aan ons – lezers – nu de taak het gedeelde tot ons te nemen. Echter, niet klakkeloos. Zelf heb ik de afgelopen tijden interessante uitleggingen gezien, die mij in eerste instantie een goed gevoel gaven en een gevoel van herkenning. Echter, na gebed om de Roeach2 HaKodesj3 voor wijsheid en waarheid, heb ik ze nog eens bekeken waardoor andere punten naar boven kwamen waar ik niet eerder aan had gedacht.
Helemaal onderaan dit artikel plaats ik linken naar de door mij gevonden interessante uitleggingen. Dan volgen nu die andere punten waar ik eerder niet aan had gedacht, maar die ik bovenaan dien te plaatsen voordat ik begin te lezen/luisteren/kijken naar een interessante uitleg.

1 Jah is (de) Verlosser. (Jesjoea/Jezus)
2 Wind, Adem, Geest
3 Apart gezet, heilig

Inhoudsopgave

Zou ik erbij horen?

Sommigen geloven in een opname van De Gemeente, anderen geloven in een uittocht de woestijn in van de 144.000. Hoe dit precies zit, zal een ander artikel worden.
Ik kan me voorstellen dat de eerste gedachte die opkomt is: “Goh, zou ik daarbij horen?” Bij mij is die wel opgekomen. En de tweede: “En zo niet, zou ik dan ergens anders nodig zijn?” De derde gedachte die op zou kunnen komen is gevaarlijker: “Wat zou de reden kunnen zijn als de vorige twee genoemden niet op mij van toepassing is?” Want, voordat je het weet ga je zoveel kennis tot je nemen en ben je zo druk met het juiste te doen, dat je het allerbelangrijkste vergeet:

1. LIEFDE

Luister, Israël! JHWH1, onze God, JHWH1 is één (of: de Enige)! Daarom zult u JHWH1, uw God, liefhebben met heel uw hart, met heel uw ziel en met heel uw kracht.
1 in HSV staat: de HEERE
Deuteronomium 6:4-5
Nu dan, Israël, wat vraagt JHWH1, uw God, van u dan JHWH1, uw God, te vrezen, in al Zijn wegen te gaan, Hem lief te hebben en JHWH1, uw God, te dienen, met heel uw hart en heel uw ziel,
1 in HSV staat: de HEERE
Deuteronomium 10:12
Rabbi1, wat is het grote gebod in de Torah2? Jesjoea zei tegen hem: “U zult JHWH3, uw God, liefhebben met heel uw hart, met heel uw ziel en met heel uw verstand. Dit is het eerste en het grote gebod.”
1in HSV staat: Meester 2in HSV staat: wet 3 in HSV staat: de Heere
Mattheüs 22:36-38
U mag geen wraak nemen of een wrok koesteren tegen uw volksgenoten, maar u moet uw naaste liefhebben als uzelf. Ik ben JHWH1.
1 in HSV staat: de HEERE
Leviticus 19:18
“En het tweede, hieraan gelijk, is: ‘U zult uw naaste liefhebben als uzelf’. Aan deze twee geboden hangt heel de Torah1, en de Profeten.”
1 in HSV staat: Wet
Mattheüs 22:39-40

Lees ook: Romeinen 13:8-10; Galaten 5:13-14; Efeziërs 5:1-2; 1 Thessalonicenzen 4:9; Jakobus 2:8.

Al zou ik de talen van de mensen en van de engelen spreken, maar ik had de liefde niet, dan zou ik klinkend koper of een schallende cimbaal zijn geworden. En al zou ik de gave van de profetie hebben en alle kennis bezitten, en al zou ik al het geloof hebben zodat ik bergen zou verzetten, maar ik had de liefde niet, dan was ik niets. En al zou ik al mijn bezittingen uitdelen tot levensonderhoud van de armen, en al zou ik mijn lichaam overgeven om verbrand te worden, maar ik had de liefde niet, het baatte mij niets.
1 Korinthe 13:1-3

Zonder Liefde voor JHWH, Jehosjoea en onze naasten als ons zelf baat het ons niet, doet het niets toebrengen aan Zijn Koninkrijk en zijn we niets.

Niet ieder die tegen Mij zegt: “Adonai1, Adonai1,” zal binnengaan in het Koninkrijk der hemelen, maar wie de wil doet van Mijn Vader, Die in de hemelen is. Velen zullen op die dag tegen Mij zeggen: “Adonai1, Adonai1, hebben wij niet in Uw Naam geprofeteerd, en in Uw Naam demonen uitgedreven, en in Uw Naam veel krachten gedaan?” Dan zal Ik hun openlijk zeggen: “Ik heb u nooit gekend; ga weg van Mij, u die de wetteloosheid werkt!”
1 in HSV staat: Heere
Mattheüs 7:21-23

De liefde die wij voor ABBA1 voelen en hebben, maakt ons meer van Zijn Woord (Jesjoea) tot ons te willen nemen, Zijn Instructies (Torah) tot ons te willen nemen om maar zo lang mogelijk bij Hem en met Hem te kunnen zijn voor nu en in de toekomst en om met broeders en zusters te kunnen samenzijn.

1Papa. Hebreeuws: אבא

Tijdsgebonden

Wegens huidige omstandigheden en uit liefde om zo dicht mogelijk bij Jehosjoea te zijn – liefst fysiek – willen we weten wanneer Hij als De Koning terugkomt en gaan wij dit berekenen.
We proberen aan de hand van de Schriften een logische volgorde te creëren en gaan dan op zoek naar de juiste kalender. We raken enthousiast en overtuigd van de door ons gevonden waarheid, want ze zijn uit de Schriften gehaald. Toch vergeten we nu een belangrijk feit mee te nemen in ons onderzoek:

2. GOD IS GEEST! NIET MATERIE

Voorwaar, Ik zeg u: Dit geslacht zal zeker niet voorbijgaan, totdat al deze dingen1 gebeurd zijn. De hemel en de aarde zullen voorbijgaan, maar Mijn woorden zullen zeker niet voorbijgaan. Maar die dag en dat uur is aan niemand bekend, ook aan de engelen in de hemel niet, maar alleen aan Mijn Vader.
1Mattheüs 24:1 e.v.
Mattheüs 24:34-36
U hebt voorheen de aarde gegrondvest, de hemel is het werk van Uw handen.
Die zullen vergaan, maar U zult standhouden; zij alle zullen verslijten als een kleed. U zult ze verwisselen als een gewaad en zij zullen verdwijnen.
Psalmen 102:26-27
Jesjoea1 zei tegen haar (een Samaritaanse vrouw): “Vrouw, geloof Mij, de tijd komt, dat u niet op deze berg, en ook niet in Jeruzalem de Vader zult aanbidden. U aanbidt wat u niet weet; wij aanbidden wat wij weten, want de zaligheid is uit de Jehoediem2. Maar de tijd komt, en is er nu, dat de ware aanbidders de Vader zullen aanbidden in geest en waarheid, want de Vader zoekt wie Hem zo aanbidden. God is Geest en wie Hem aanbidden, moeten Hem aanbidden in geest en waarheid.
1 in HSV staat: Jezus 2In HSV staat: Joden
Johannes 4:21-24
Maar hun (Israëlieten) gedachten werden verhard, want tot op heden blijft diezelfde bedekking bij het lezen van Het Verbond1, zonder te worden weggenomen. Die bedekking wordt tenietgedaan in de Messias2. Ja, tot op heden ligt er, wanneer Mozes gelezen wordt, een bedekking op hun hart. Maar wanneer het zich tot Adonai3 bekeert, wordt de bedekking weggenomen. Adonai3 nu is de Geest; en waar de Geest van Adonai3 is, daar is vrijheid. Wij allen nu, die met onbedekt gezicht de heerlijkheid van Adonai3 als in een spiegel aan schouwen, worden van gedaante veranderd naar hetzelfde beeld, van heerlijkheid tot heerlijkheid, zoals dit de Geest van Adonai3 bewerkt wordt.
1 in HSV staat: Oude Testament 2in HSV staat: Christus 3in HSV staat: de Heere
2 Korinthe 3:14-18
Maar in die dagen, na die verdrukking (Markus 13:1-23), zal de zon verduisterd worden en de maan zal zijn schijnsel niet geven. En de sterren van de hemel zullen daaruit vallen en de krachten in de hemelen zullen heftig bewogen worden. En dan zullen ze de zoon des mensen zien komen in de wolken, met grote kracht en heerlijkheid. En dan zal Hij Zijn engelen uitzenden en Zijn uitverkorenen bijeenbrengen uit de vier windstreken, van het uiterste van de aarde tot het uiterste van de hemel. En leer van de vijgenboom deze gelijkenis: wanneer zijn tak al zacht wordt en de bladeren uitspruiten, dan weet u dat de zomer nabij is. Zo ook u, wanneer u deze dingen zult zien gebeuren, weet dan dat het nabij is, voor de deur. Voorwaar, Ik zeg u dat dit geslacht zeker niet voorbij zal gaan totdat al deze dingen gebeurd zijn. De hemel en de aarde zullen voorbij gaan, maar Mijn woorden zullen zeker niet voorbijgaan. Maar die dag en dat moment is aan niemand bekend, ook aan de engelen in de hemel niet, ook aan de Zoon niet, maar alleen aan de Vader.
Markus 13:24-32
En toen Hij met hen (de talmidiem [leerlingen]) samen was, beval Hij hun dat zij niet uit Jeruzalem weg zouden gaan, maar de belofte van de Vader zouden verwachten, “die u,”, zei Hij, “van Mij gehoord hebt; want Johannes doopte wel met water, maar u zult met de Heilige Geest gedoopt worden, niet lang na deze dagen.” Zij dan die samengekomen waren, vroegen Hem: “Adonai1, zult U in deze tijd voor Israël het Koninkrijk weer herstellen?” En Hij zei tegen hen: “Het komt u niet toe de tijden of gelegenheden te weten die de Vader in Zijn eigen macht gesteld heeft, maar u zult de kracht van de Heilige Geest ontvangen, Die over u komen zal; en u zult Mijn getuigen zijn, zowel in Jeruzalem als in heel Jehoedah (Judea) en Sjomron (Samaria) en tot aan het uiterste van de aarde.”
1 in HSV staat: Heere
Handelingen 1:4-8
Zoals de dagen van Noach waren, zo zal ook de komst van de Zoon des mensen zijn. Want zoals ze bezig waren in de dagen voor de zondvloed met eten, drinken, trouwen en ten huwelijk gegeven, tot op de dag waarop Noach de ark binnenging, en het niet merkten, totdat de zondvloed kwam en hen allen wegnam, zo zal ook de komst van de Zoon des mensen zijn. Dan zullen er twee op de akker zijn; de één zal aangenomen en de ander zal achtergelaten worden. Er zullen twee vrouwen malen met de molen; de één zal aangenomen en de ander zal achtergelaten worden.
Wees dan waakzaam, want u weet niet op welk moment uw Heere komen zal.
Maar weet dit, dat als de heer des huizes geweten had in welke nachtwake de dief komen zou, hij waakzaam geweest zou zijn, en niet in zijn huis zou hebben laten inbreken.
Weest ook u daarom bereid, want op een uur waarop u het niet zou denken, zal de Zoon des mensen komen.
Mattheüs 24:37-44

Opmerkelijk vind ik Jesjoea’s opmerking ‘de dief’ in Zijn vergelijking in vers 43. De komst van HaBen1 HaAdam2 [De Zoon des Mensen] vergelijkt Hij met ‘de dief’ waar de heer des huizes op zal wachten, om te voorkomen dat er uit zijn huis wat zal worden weggehaald. Lees ook eens de verzen 45 t/m 51. Maar, dit is een onderwerp wat ook tot ‘een ander artikel’ hoort, waar ik eerder onder kopje “Zou ik erbij horen” ook een melding van heb gemaakt. Terug naar dit onderwerp.

1De Zoon (van)
2De Persoon/Mens

We hebben gelezen:

  • God is Geest en wie Hem aan bidden, moeten Hem aanbidden in geest en waarheid.
  • Adonai nu is de Geest; en waar de Geest van Adonai is, daar is vrijheid.
  • Die dag (Markus 13) en dat moment is aan niemand bekend. Ook niet aan de engelen in de hemel en ook niet aan de Zoon. Alleen de Vader weet het.
  • Het komt ons niet toe de tijden of gelegenheden (zoals het herstel van het koninkrijk) te weten die de Vader in Zijn eigen macht gesteld heeft.
  • Zoals de dagen van Noach waren (lees Genesis 6 & 7), zo zal ook de komst van HaBen HaAdam zijn.
  • Wij dienen waakzaam te zijn, want wij weten niet op welk moment Adoneinu (onze Heer) komen zal.
  • Jesjoea vergelijkt HaBen HaAdam met de dief, die door de heer des huizes opgewacht zou worden en ervoor gezorgd zou hebben dat hij niet in zijn huis in zou kunnen breken, als hij de nachtwake geweten zou hebben waarop de dief komen zou.
    • Wij dienen daarom bereid te zijn, want op een uur waarop wij het niet zouden denken, zal HaBen HaAdam komen.

Dit zei Jehosjoea tegen Zijn talmidiem (leerlingen); tegen Zijn (toekomstige) sjliechiem (gezondenen); tegen Zijn volgers. Niet tegen ongelovigen! Vaak wordt opgemerkt: “Ja, zij”, waarmee ze mensen bedoelen die het net iets anders zien/geloven dan zij, “die de Schriften niet volgen en/of niet lezen weten het niet. Maar wij wel!”
Dat durf ik zeer sterk te betwijfelen. Want NIEMAND weet:

  • Die dag;
  • Dat moment;
  • Het uur;
  • De tijden;
  • De gelegenheden.
Niemand is inclusief:
  • HaMalachiem sjabasjamajiem (de engelen in de hemel);
  • HaBen (de Mensenzoon);
  • Anachnoe (wij)!

De Enige Die het wel weet, is:

ABBA (Papa), Avienoe (onze vader) sjabasjamajiem (in de hemel)!

Laten we ook niet vergeten dat alle tien meisjes in Jehosjoea’s vergelijking in slaap vielen en alle tien werden gewekt door een roepen.

Dan zal het Koninkrijk der hemelen gelijk zijn aan tien meisjes, die hun lampen namen en op weg gingen, de bruidegom tegemoet. Vijf van hen waren wijs en vijf waren dwaas. Zij die dwaas waren, namen wel hun lampen maar geen olie met zich mee. De wijzen namen met hun lampen ook olie mee in hun kruikjes. Toen de bruidegom uitbleef, werden zij allen slaperig en vielen in slaap. En te middernacht klonk er een geroep: “Zie, de bruidegom komt, ga naar buiten, hem tegemoet!” Toen stonden al die meisjes op en maakten hun lampen in orde. De dwazen zeiden tegen de wijzen: “Geef ons van uw olie, want onze lampen gaan uit.” Maar de wijzen antwoordden: “In geen geval, anders is er misschien niet genoeg voor ons en u. Ga liever naar de verkopers en koop olie voor uzelf.” Toen zij weggingen om olie te kopen, kwam de bruidegom; en zij die gereed waren, gingen met hem naar binnen naar de bruiloft, en de deur werd gesloten. Later kwamen ook de andere meisjes, die zeiden: “Heer, heer, doe ons open!” Hij antwoordde en zei: “Voorwaar, ik zeg u: ik ken u niet.” Wees dan waakzaam, want u weet de dag en ook het uur niet waarop de Zoon des mensen komen zal.
Mattheüs 25:1-13

We kunnen wel een voorspelling maken in welk jaargetijde onze Heer en Heiland komen zal, als waren wij die tien meisjes die wel weten waar de bruidegom komen zal en waar hij naar toe zal gaan, maar niet weten exact wanneer hij komen zal. Immers, tijdens Jehosjoea’s eerste komst werden de Moadiem1 van God die in de lente/het voorjaar plaatsvinden vervuld. De Moadiem die in het najaar/de herfst plaatsvinden zijn nog niet vervuld.

1Aangewezen tijden, gezette tijden of hoogtijden

Ook dienen wij Jehosjoea’s volgende opmerking niet te vergeten:
“Voorwaar, Ik zeg u: Dit geslacht zal zeker niet voorbijgaan, totdat al deze dingen gebeurd zijn.”
En wat ‘deze dingen’ zijn, kunnen we lezen in Mattheüs 24:1-33 en Markus 13:1-29.

Een volgorde van gewezen gebeurtenissen maken en die lijn doortrekken naar de toekomst, en een kalender vinden waarin dit alles past, is volgens mij hetzelfde als een wekker vinden waarin je de exacte tijd van de komst van De Dief weet en jou tijdig wakker kan maken.
Deze ‘Dief’ Zelf weet niet eens wanneer Hij door de Vader gestuurd zal worden, en zo ook de engelen niet. En de Vader vertelt het niemand. Ook niet aan jou en mij.

Rest ons niets anders dan ‘wakker’, ‘waakzaam’ en ‘alert’ te blijven om uit te kijken naar Zijn komst.

En schrijf aan de engel van de gemeente in Sardis: Dit zegt Hij Die de zeven Geesten van God heeft en de zeven sterren: Ik ken uw werken, en weet dat u de naam hebt dat u leeft, maar u bent dood. Wees waakzaam en versterk het overige dat dreigt te sterven, want Ik heb uw werken niet vol bevonden voor God. Bedenk dan hoe u het hebt ontvangen en gehoord, en houdt het vast en bekeer u. Als u dan niet waakzaam bent, zal Ik bij u komen als een dief en zult u beslist niet weten op welk uur Ik bij u zal komen.
Openbaring 3:1-3

Interessante websites/artikelen